Armenië & Georgië (12 dagen)

Armenië & Georgië rondreis (12 dagen)

Met deze individuele rondreis bezoek je de mooiste plekken van de buurlanden Armenië en Georgië. De rondreis start in Jerevan en brengt je na self-drive per huurauto of een tocht per auto met chauffeur in Tbilisi.

De uitgebreide reisbeschrijving hierna gaat uit van een rondreis per auto met chauffeur. De genoemde excursies kunnen als voorbeeld worden gebruikt voor een rondreis per huurauto.

Reistype: individuele reis
Reisduur: 12 dagen
Beste reistijd: april t/m oktober

Prijs vanaf € 995,- op basis van self-drive, of vanaf € 1275,- op basis van auto met chauffeur (uitgebreide prijsinformatie).
Praktische reisinformatie en achtergronden: Armenië en Georgië.
Meer informatie of een reis op maat? Wij maken graag een offerte!
Bel (030-3040031) of mail (info@blinireizen.nl) ons, of klik op de offerte-knop hieronder.
Offerte aanvraag


uitgebreide reisbeschrijving

NB: de vermelde rijtijden zijn indicatief en exclusief (toeristische) stops onderweg.

Dag 1-3 Jerevan, Echmiadzin, Garni & Gechard
Je vliegt naar Jerevan, de hoofdstad van Armenië. De volgende dag maak je op eigen gelegenheid kennis met deze ontspannen hoofdstad. Blini kan eventueel ook een stadsexcursie met een gids voor je regelen.

Jerevan is niet alleen de hoofdstad van Armenië, maar ook verreweg de grootste en belangrijkste stad van het land. Jerevan vormt het hart van Armenië. Een bezoek aan dit land is niet denkbaar zonder ook deze prettige, veilige en boeiende stad te leren kennen.
Hoewel op de huidige locatie van Jerevan al ruim voor Christus een nederzetting bestond, is de stad pas vanaf 1827 toen de Russen kwamen en later in de Sovjettijd echt tot ontwikkeling gekomen. Nu telt de stad 1,1 miljoen inwoners, bijna een derde van alle inwoners van het land. Het oude hart van de stad is het Plein van de Republiek, een groot plein dat wordt omsloten door indrukwekkende gebouwen in Stalinistische stijl. Hier liggen ondermeer het Nationaal Historisch Museum, het Nationale Kunst Museum en het Marriot, het duurste hotel van de stad. Het tweede grote en populaire plein is het Opera Plein, dat rond het imposante gebouw van de Nationale Opera ligt.
Jerevan is een stad waar mensen graag en veel buiten zijn. Het is dan ook een stad van parken, terrassen en brede boulevards met flanerende mensen. Het is leuk om een plekje uit te zoeken en onder het genot van een kopje koffie of een Gyumri- of Kilikia-biertje mensen te kijken.
Zoals elke hoofdstad heeft ook Jerevan een groot aantal goede, leuke en interessante musea. Zonder volledig te willen zijn volgt hieronder een korte opsomming van de musea die Blini Reizen zelf de moeite waard vindt. Allereerst het Nationaal Historisch Museum. Hier wordt de geschiedenis en de ontwikkeling van de Armeense cultuur duidelijk verteld. Een bezoek aan het museum verzorgt de achtergrond die je nodig hebt om alles wat je tijdens je rondreis gaat zien of al gezien hebt, te plaatsen en te begrijpen.
In het zelfde gebouw als het Nationaal Historisch Museum zit het Nationaal Kunst Museum. Hier is een van de grootste collecties kunst uit de voormalige Sovjet-Unie te bewonderen. Daarbij niet alleen Armeense kunst, die deels uit kerken en kloosters komt, maar ook veel schilderijen van West-Europese schilders en bekende Russen als Repin en Vaznetsov.
Het Matenadaran-museum vertelt het verhaal van de ontwikkeling van het Armeense alfabet, een belangrijke factor in de versterking van de Armeense staat, de Armeense kerk en het Armeense nationaal bewustzijn. Wat ons betreft is het niet alleen een van de beste musea van het land, maar is een bezoek ook onmisbaar voor iedereen die Armenië wil leren kennen en begrijpen.
Favoriet van Blini Reizen is het museum voor de Armeense regisseur Parajanov. Het bevat talloze kunstwerken die de regisseur vooral maakte in de periode dat het maken van films hem door het Sovjetregime was verboden. En passant maak je als bezoeker kennis met een tijd die voor kunstenaars niet de makkelijkste was. Indruk maken bijvoorbeeld de kleine potloodtekeningen die Parajanov maakte toen hij gevangen zat.

Om de Armeniërs en de staat Armenië te begrijpen ontkom je ten slotte eigenlijk niet aan een bezoek aan het indrukwekkende Genocide Monument. Dit herdenkt de slachtoffers van de genocide die de Turken aan het begin van de 20e eeuw pleegden op Armeniërs in het Turkse Rijk. Schattingen lopen uiteen van een half tot anderhalf miljoen slachtoffers.

Ten westen van de stad ligt de kathedraal van Echmiadzin. Deze kathedraal, ook wel de moederkerk van de Armeense kerk genoemd, stamt al uit de 4e eeuw na Christus. Volgens overlevering kreeg St. Gregorius de Verlichter, grondlegger van de Armeens-Apostolische kerk, in een visioen opdracht om juist op deze plek een kerk te bouwen. Aldus geschiedde. Tegenwoordig vormt de kathedraal het spirituele centrum van de Armeense Kerk, en is ook de zetel van de Katholikos, de Patriarch van alle Armeniërs wereldwijd.
Het is leuk onderweg een tussenstop te maken bij de ruïnes van de kathedraal van Zvartnots, gebouwd in de 7e eeuw na Christus. Ooit was deze aan de Heilige Joris gewijde kathedraal de grootste kerk van Armenië, bedoeld om de nieuwe hoofdkerk te worden en daarmee die van Echmiadzin te overtreffen. Helaas is het originele heiligdom verwoest (waarschijnlijk door een aardschok in 930), maar aan de hand van de overgebleven zuilen kun je je nog een aardig idee vormen van de grootsheid van het geheel.

Ten oosten van de hoofdstad ligt de Garni tempel, de enige nog uit de Oudheid overgebleven tempel in Armenië. De ligging van Garni is imposant: de tempel is gebouwd op een strategische locatie, aan drie kanten beschermd door diepe afgronden die leiden naar de Azat-rivier. Op het terrein zijn ook de ruïnes van een kerk en een gedeelte van een oud badhuis (met mooie mozaïeken) te vinden. De tempel van Garni is in de jaren 70 van de vorige eeuw volledig gerestaureerd, en is het enige overgebleven monument uit de Hellenistische periode, gewijd aan de zonnegod Mithra. Waarschijnlijk werd de tempel niet verwoest toen Armenië zich tot het christendom bekeerde omdat hij zich in de zomerresidentie van de Koninklijke familie bevond.
We raden je aan hier met een lokale gids op pad te gaan voor een wandeling van circa 1 uur. De gids leidt je naar het dal onder de tempel. Hier voert een onverharde weg door een nauwe kloof met prachtige rotsformaties, de ‘Symphony of Stones’.
Niet ver van Garni ligt de kerk van Geghard. De huidige naam verwijst naar de speer – ‘geghard’ – waarmee Jezus’ zijde doorboord zou zijn en die in de 13e eeuw naar deze plek werd gebracht (en nu is te zien in museum van het Echmiadzin klooster). De kerken in het complex zijn gedeeltelijk uitgehouwen in de rotsen en bekend om hun architectuur en akoestiek; er worden zelfs opnamen van kerkkoren gemaakt. Al met al is dit een erg sfeervolle plek die niet voor niets op de Werelderfgoedlijst staat.

Dag 4 Khor Virap, Noravank & Sevan
Vandaag begint de rondreis door Armenië pas echt. Je verlaat de hoofdstad per auto in zuidoostelijke richting. De eerste stop is het klooster van Khor Virap. Het ligt op een heuvel boven de velden met wijnranken en biedt een prachtig zicht op de Ararat, de voor Armeniërs heilige berg die pijnlijk genoeg aan de andere kant van de gesloten Turkse grens ligt.
Een bergpas brengt je bij een nauw dal dat naar de kerken van Noravank voert, mooi gelegen tussen de steile, rode hellingen van de kloof. De roodbruine kleuren van het klooster passen goed bij de rotsen van de kloof.

Je keert terug naar de hoofdweg van Jerevan naar Iran. Verder naar het oosten begint Vayots Dzor, de wijnstreek van Armenië. Langs de kant van de weg staan hier tientallen kramen met colaflessen vol wijn. Deze vinden gretig aftrek bij de Iraanse vrachtwagenchauffeurs die bij de Iraanse douaniers natuurlijk niet met echte wijnflessen kunnen aankomen.
Niet ver van Areni neem je een zijweg naar het noorden. De weg voert je door een prachtig dal naar de voet van de 2410 meter hoge Selim-pas. Halverwege de lange beklimming stop je bij een bijzondere karavanserai uit de 14e eeuw.

Ja daalt af naar de blauwe wateren van het uitgestrekte meer van Sevan, dat op 1900 meter hoogte tussen de bergen ligt. Tijdens de rit langs de oevers van het meer heb je zicht op het prachtig blauwe water en de besneeuwde toppen aan de andere kant van het meer. Vergeet niet onderweg af en toe te stoppen. Dat kan bijvoorbeeld bij het oude kerkje van Hayravank. Ook het kachkar-veld van Noraduz is de moeite waard. Kachkar’s zijn oude, typisch Armeense herdenkingsstenen die rechtop staan. Ze zijn versierd met reliëf en Armeense teksten.
Uiteindelijk kom je bij het fotogenieke Sevanavank, een klooster op een schiereiland in het meer. Je hotel ligt niet veel verder, direct aan de oevers van het meer. In de zomer kun je hier uitstekend zwemmen, maar in het najaar en voorjaar is het aan het einde van dag al snel te fris.

Jerevan – Selim – Sevan: 4 uur rijden

Dag 5 Dilijan, Haghpat & Sanahin
Je laat het meer van Sevan achter als je een tunnel induikt. Als je aan de andere kant van de tunnel weer tevoorschijn komt rijd je door de dichtbeboste dalen rond Dilijan, het Armeense Zwitserland.
Het stadje Dilijan zelf en de omliggende natuur zijn populair bij Armeense vakantiegangers. Wandel even door het centrum dat wordt gevormd door een bijzondere mix van vervallen Sovjetgebouwen en gerestaureerde huizen uit eerdere periodes.
In de dalen ten noorden van Dilijan liggen twee mooie kloosters verscholen. Hagartsin ligt in een smal dal midden tussen de bossen, Goshavank ligt in de weilanden bij een klein dorpje. Je bezoekt vandaag Hagartsin.
Wandelaars kunnen hier een flinke wandeling plannen. Een mooie route voert van het Parz-meer door de bossen naar het klooster van Goshavank (NB: in onze standaardreizen ontbreekt de tijd voor zowel de wandeling als voor een bezoek aan Goshavank).

Vanaf Dilijan rijd je over een hoogvlakte naar het westen. Hier kom je verrassend genoeg door enkele dorpen waar vrijwel alleen Russen wonen. Hun voorouders trokken in de 19e eeuw weg uit Rusland toen zij daar werden vervolgd voor hun interpretatie van het orthodoxe geloof.
Daarna rijd je door de kloof van de Debed-rivier naar Haghpat en Sanahin. Deze kloosters liggen hemelsbreed niet meer dan 10 kilometer van elkaar vandaan. In de 10e eeuw werden het belangrijke centra van wetenschap, cultuur en religie, nu zijn het sfeervol vervallen kerken.

Sevan – Haghpat: 3 uur rijden

Dag 6 Vardzia
Een laatste rit door Armenië brengt je bij de grens met het tweede land van deze reis: Georgië. De eerste 20 kilometer na de grenspost voert over een hoogvlakte, daarna rijd je verder door een prachtig, verlaten, rotsig dal. Als je bij de ruïnes van een groot en indrukwekkend gelegen fort komt verlaat je de hoofdweg om een nog mooier en stiller dal in te rijden. Je komt door een enkel dorpje en bereikt dan het eeuwenoude grottenklooster Vardzia. Het is in de 12e eeuw gebouwd door de grote koningin Tamar. Zij heerste in de gouden eeuw over het koninkrijk Georgia en is nog steeds bijzonder populair. De wirwar van trappetjes en grotten, de schilderingen, het uitzicht, de ligging in het stille dal: het is een bijzondere en sfeervolle plek.

Haghpat – Vardzia: 5,5 uur rijden

Dag 7-8 Akhaltsikhe, Borjomi & Kutaisi
Je vervolgt je tocht door het zuiden van Georgië. Het dal wordt langzaam breder, de hellingen zijn bebost. De provinciestad Akhaltsikhe ligt niet ver van de Turkse grens. Het oude fort boven de stad is helemaal gerestaureerd en het is leuk hier even rond te wandelen. Overigens bestaat een derde van de bevolking van Akhaltsikhe uit Armenen.

De volgende bestemming is Borjomi, dat in een prachtige omgeving ligt. Borjomi verwierf faam als kuuroord voor de Russische adel (en in Sovjettijden de modelarbeiders) en als herkomst van het populaire gelijknamige bronwater. Je wandelt langs de oude paleizen en door de parken en drinkt het water direct uit de bron.

NB: wandelaars kunnen kiezen voor een extra dag voor een lange wandeling door het uitgestrekte Borjomi-Kharagauli National Park.

Verder naar het noorden kom je bij de belangrijkste weg van het land, van Tbilisi naar de kusten van de Zwarte Zee. Je neemt deze in westelijke richting. Niet veel verder kun je eventueel een stop maken bij het kleine maar sfeervolle kerkje van Ubisi. Later passeer je een bezienswaardigheid van een totaal andere orde: de grauwe industrieën van Zestaponi, waar je kilometers lang langs vervallen fabriekshallen en zwart beroete schoorsteenpijpen rijdt.

Einddoel van vandaag is Kutaisi, de tweede stad van het land en een paar eeuwen lang ook de hoofdstad. De geschiedenis van Kutaisi gaat echter verder terug, tot de 17e eeuw voor Christus. Volgens de overlevering was het hier dat Jason en zijn Argonauten het Gulden Vlies kwamen zoeken. Kutaisi is nu een vriendelijke en prettige provinciestad. Het oude centrum is gezellig en overzichtelijk.

Dag 8 heb je tijd voor de stad en een aantal bezienswaardigheden in de omgeving. In en direct buiten Kutaisi liggen om te beginnen twee Unesco-monumenten. De eerste is de Bagrati-kathedraal, die op een heuvel boven de stad ligt. Het tweede Unesco-monument ligt een stukje buiten Kutaisi in een stille, beboste omgeving. Het is het klooster van Gelati, dat bestaat uit een sfeervolle kathedraal, met prachtige fresco’s, en verschillende bijgebouwen.

Een half uur ten noorden van Kutaisi liggen de Prometheus-grotten, een enorm complex van grotten waar boeiende wandelexcursies van 1,5 uur worden georganiseerd. Wat verderop ligt de mooie Okatse-canyon. Hier is hoog boven het water van de rivier en de bodem van de kloof een wandelpad van vlonders aangelegd.

Vardzia – Kutaisi: 3,5 uur rijden

Dag 9 Chiatura, Gori & Stepantsminda (Kazbegi)
Je neemt eerst de hoofdweg in de richting van Tbilisi maar verlaat deze al snel. Een provinciaalse weg brengt je naar Chiatura. Dit mijnstadje is op het eerste gezicht geen voor de hand liggende bestemming voor toeristen. Maar voor reizigers met interesse in industrieel erfgoed en het vervallen verleden van de Sovjet-Unie, of voor reizigers die gewoon eens wat anders willen, is het een aanrader. Begin 20e eeuw kwam 60% van de wereldproductie van mangaan uit dit plaatsje in de bergen van Noordwest-Georgië. In het centrum zelf, maar vooral in de dalen rondom, is de mijn en het verleden overal. Rangeerterreinen met roestende treinwagons, vervallen fabriekshallen, parkeerterreinen vol puin en gras, zwart-uitgeslagen kunstwerken die het ooit bloeiende Chiatura verheerlijkten. Opvallend zijn de vele kabelbanen die de kloof overspannen en van het dal naar de hoger gelegen hellingen voeren. De meeste hiervan zijn bedoeld om de mijnwerkers snel op hun werkplek te brengen, andere voor het transport van de erts. Een deel van de kabelbanen is nog in gebruik en een ritje in een van de kleine, roestige cabines, hoog boven het dal, is een bijzonder avontuur.

Je vervolgt je weg door stille bossen en heuvels. Niet ver van de stad Gori kom je weer uit op de hoofdweg naar Tbilisi. Gori is vooral bekend als geboorteplaats van Stalin. Een groot en fascinerend museum herdenkt de man die zoveel invloed heeft gehad op de geschiedenis van de 20e eeuw. Een bezoek aan het museum is niet standaard in deze reis opgenomen maar wel eenvoudig in te plannen. Een rondleiding heeft soms absurdistische trekjes. In ons geval werd in één zin aandacht besteed aan de minder positieve kanten van het Stalin-bewind: “…and some mistakes were made”.
Buiten Gori ligt de grottenstad met de moeilijke naam Uplistsikhe. De stad was al in de 5e eeuw voor Christus een belangrijke handelspost, maar werd vernietigd door Khulagu, de zoon van Djengiz Khan.

Wat verder naar het oosten draai je naar het noorden de Georgian Military Highway op. Deze werd in de 18e en 19e eeuw aangelegd door de Russen. De weg (geen snelweg maar een 2-baans-weg) brengt je steeds verder de bergen in.

Je stopt eerst bij het fortencomplex van Ananuri, dat vooral bekend is om het beeldhouwwerk in de kerken. Daarna rijd je verder de bergen in naar de 2379 meter hoge Jvari-pas. Hiervandaan heb je indrukwekkend zicht over de Kaukasus en de besneeuwde toppen van de berg Kazbeg. Je daalt af door een stil dal naar het dorpje Stepantsminda.

Stepantsminda is op 1797 meter hoogte de laatste plaats voor de Russische grens. Net buiten het dorp staat het mooist en spectaculairst gelegen kerkje van de Kaukasus. Tsminda Sameba ligt op een heuvelrug omringd door kale, hoge bergtoppen. Het is een plaatje dat je in alle reisgidsen en brochures over Georgië terugziet. De wandeling naar de kerk voert door een indrukwekkend landschap. Als je geen tijd of zin hebt om te wandelen, kun je ook met de auto naar boven.

Kutaisi – Chiatura – Stepantsminda: 5,5 uur rijden

Dag 10-11 Mtskheta & Tbilisi
De Jvari-pas en de Georgian Military Highway brengen je terug naar het zuiden. Hier moet je stoppen bij Mtskheta, de oude hoofdstad en het religieuze centrum van Georgië. Je bezoekt twee Unesco-monumenten: het oude klooster van Javri, dat hoog boven het rivierdal ligt, en de Svetitskhoveli kerk, waar volgens de overlevering de lijkwade van Christus is begraven.

Dertig kilometer naar het zuiden ligt het eindpunt van de rondreis. De hoofdstad Tbilisi is een stad waar de energie van de 21e eeuw zich sfeervol mengt met de zichtbaar lange geschiedenis. Je kunt je bezoek aan deze stad beginnen met een klim naar de oude citadel, in 360 gebouwd door de Perzen. Hier vandaan is te zien hoe Tbilisi zich uitstrekt langs de oevers van de rivier Mtkvari, ingeklemd tussen de heuvels.

In het oude centrum verzorgen kerken, paleizen en monumentale gebouwen de achtergrond voor een levendig stadsleven waarin terrasjes, restaurants en cafés een grote rol spelen. Delen van de oude stad zijn goed gerestaureerd, met respect voor het verleden en aandacht voor details. Andere delen zijn nog wat vervallen, met de muren van de oude huizen vol scheuren en gammele houten balkons en de wortels van dikke bomen die de keien van de straten omhoog duwen. Van de vele kerken is de Sioni-kathedraal bij ons favoriet. Je kijkt vanaf de straat neer op het pleintje voor de hoge deuren. Als er een dienst of een bruiloft is, is het leuk mensen kijken.

Een heel andere sfeer vind je rond Rustaveli, de statige boulevard waaraan onder meer het parlement en het operagebouw liggen. Dit deel van de stad werd in de 19e eeuw door de Russen aangelegd.
Een moderne en opvallende brug verbindt de oude stad met een stadspark dat vooral in de weekenden en op zomeravonden populair is bij de inwoners van Tbilisi. Boven het park ligt het nieuwe presidentieel paleis, modern, met veel glas en licht.
Ook verschillende wijken op de oostelijke oever van de Mtkvari zijn de laatste jaren grondig opgeknapt, zoals Avlabari, op de heuvel achter de Matekhi-kerk en Aghmashenebeli Avenue. Op deze oever ligt ook de grote, nieuwe Sameba-kathedraal, nu de belangrijkste kerk van Georgië.

De stad telt ook verschillende goede musea. Daarvan mag vooral het Kunst Museum niet gemist worden. De collectie varieert van een bijzondere selectie iconen en een schat aan gouden sieraden tot een verzameling werken van Russische schilders als Repin en Serov. Populair zijn ook de werken van Georgiër Niko Pirosmani.

Stepantsminda – Tbilisi: 3 uur rijden

Dag 12 thuisreis
Je vliegt terug naar huis.

Top