Pamir Highway (16 dagen)

Pamir Highway

NB: De grenzen tussen Tadzjikistan en Kirgizië zijn al enige tijd gesloten omdat de landen een conflict hebben over hun grenzen in de Fergana-vallei. We hebben deze reis daarom aangepast: je reist vanaf de vlaktes van de Hoge Pamir niet door naar Osh, in Kirgizië, maar terug naar Dushanbe. Je ervaart de Pamirs nog steeds in al haar pracht en bezoekt alle hoogtepunten.

Een ontdekkingstocht over Het Dak van de Wereld (zoals de Pamirs ook wel bekendstaan) door de adembenemende en indrukwekkende natuur van het Pamir-gebergte. Volg met deze individuele rondreis door Tadzjikistan het spoor van oude karavanen en ervaar onderweg de cultuur en gastvrijheid van de Pamiri.

Je reist in 16 dagen van Dushanbe naar de vlaktes van de Hoge Pamir en weer terug. Tijdens deze tocht reis je per jeep met chauffeur. Tegen een meerprijs reist er een gids met je mee. Buiten de steden overnacht je afwisselend in hotels, bij lokale families of in yurts. Dit is een prachtige manier om het land en de gastvrije bevolking beter te leren kennen. Maar sanitair en andere voorzieningen zijn eenvoudig, soms erg eenvoudig.

Een deel van de reis langs de Pamir Highway voert over grote hoogte. Je passeert verschillende passen van tot wel 4300 meter en slaapt ook enkele nachten ruim boven de 3000 meter. Hoewel de reis zo is opgebouwd dat je kunt wennen, krijgen sommige reizigers toch last van een milde vorm van hoogteziekte: lichte hoofdpijn en misselijkheid die na een nachtje weer is verdwenen. Als de klachten niet verdwijnen wordt doorgereden naar lager gelegen gebieden, zodat de oorzaak van de problemen wordt weggenomen.

In de reis zijn verschillende dagwandelingen opgenomen. Deze zijn niet al te lang en technisch niet moeilijk, maar kunnen door de hoogte wel zwaar zijn. Het is echter altijd mogelijk om in overleg met de gids het programma aan te passen en de wandeling in te korten of te schrappen.

De soms eenvoudige voorzieningen, de hoogte, de wandelingen, de lange afstanden over onverharde wegen maken dit een vrij zware reis. De beloning is er echter naar: een ontdekkingstocht door een van de mooiste en meest ongerepte gebieden ter wereld.

Let op: de hieronder genoemde rijtijden zijn indicatief en zonder dat er rekening is gehouden met stops onderweg en eventueel omrijden i.v.m. slechte conditie van de wegen.

Reistype: individuele reis
Reisduur: 16 dagen
Beste reistijd: mei t/m oktober

Prijs vanaf: € 2095,- (uitgebreide prijsinformatie)
Praktische reisinformatie en achtergronden: Tadzjikistan.
Meer informatie of een reis op maat? Wij maken graag een offerte!
Bel (030-3040031) of mail (info@blinireizen.nl) ons, of klik op de offerte-knop hieronder.
Offerte aanvraag


uitgebreide reisbeschrijving

Dag 1-2 Dushanbe
Je vertrekt aan het eind van de middag en komt diezelfde nacht aan in Dushanbe, de hoofdstad van Tadzjikistan. De tweede dag heb je tijd om de stad te verkennen.

Dushanbe ligt op 800 meter hoogte in het westen van het land en is wellicht de prettigste hoofdstad van Centraal-Azië. Hart van de stad is de Rudaki Avenue die wordt omzoomd door schaduwgevende bomen en stalinistische gebouwen. In het centrale park toont het gouden standbeeld van Rudaki het nieuwe zelfbewustzijn van het onafhankelijke Tadzjikistan.
Het straatbeeld weerspiegelt de verschillende kanten van de stad en het land. Roestige Lada’s en fonkelende Mercedessen; Tadzjiekse vrouwen met kleurrijke jurken en hoofddoekjes en etnische Russen in spijkerbroek; een in traditionele stijl gebouwd theehuis waar ijskoud bier wordt geschonken. Gecombineerd met de ontspannen sfeer is Dushanbe een leuke stad, bijvoorbeeld om een of meer dagen uit te rusten na een trekking door de Fan-bergen of een vermoeiende expeditie door de Pamirs.

Dag 3 Kalaikhumb
Je begint aan het eerste deel van de reis. Je reist per jeep met chauffeur. Deze spreekt meestal redelijk Engels, in ieder geval altijd voldoende voor het maken van eenvoudige afspraken. Tegen een meerprijs reist er ook een Engelstalige gids mee. Je trekt de bergen in, de voorzieningen onderweg zijn beperkt.

De eerste etappe van de reis is 360 kilometer lang maar verveelt geen moment. Het eerste deel van de reis voert door het relatief vlakke zuiden van Tadzjikistan. Kulob is met 100.000 inwoners de grootste stad onderweg. De geschiedenis van Kulob gaat terug tot voor Christus.

Niet veel later duik je echt de bergen in. Je bereikt de Panj-rivier die de grens met Afghanistan vormt. Je komt aan in het dorp Kalaikhumb, waar je overnacht in het enige hotel.

Dushanbe – Kalaikhumb: 360 km, 7 uur

Dag 4-5 Vanj-vallei
De komende week zul je de Panj-vallei volgen, waarbij je twee keer de hoofdweg verlaat om via een zijdal diep de bergen in te rijden: de eerste keer ga je de Vanj-vallei in, de tweede keer de Bartang-vallei.
Deze week zal je keer op keer opvallen hoe groot het verschil in ontwikkeling is tussen de Tadzjiekse en de Afghaanse kant van de grens: aan ‘onze’ kant een asfaltweg, aan de andere kant een ezelpad. Aan ‘onze’ kant elektriciteit, aan de andere kant duisternis.
De Panj-vallei is smal en de berghellingen steil. Op de plekken waar het dal breder wordt en vlak terrein de ruimte voor landbouw biedt, kom je door kleine dorpen waar mannen en vrouwen op het land werken en kinderen vrolijk zwaaien naar de jeep. Regelmatig passeer je grote kuddes schapen en geiten, afhankelijk van het seizoen op weg naar hoger gelegen weiden of juist weer naar de beschutting van de dalen.

De eerste serieuze zijvallei is die van de Vanj. Dit is een van de meest brede en toegankelijke zijdalen van de Panj. In het dal liggen ook weer verschillende vriendelijke dorpen en de ruïnes van enkele oude forten. Het dorpje Poi Mazar ligt vrijwel aan het einde van het dal. Het ligt in de schaduw van een bergmassief waarvan de Revolutie Piek tot 6974 meter hoogte reikt. Je slaapt hier twee nachten in een homestay.

Kalaikhumb – Vanj-vallei (Poi Mazar): 180 km, 5 uur

Op dag 5 verken je de vallei. Dat kan te voet, met je chauffeur of een lokale gids. Of, als je liever niet teveel wandelt, met de jeep. Je komt door dorpjes, langs akkers en snelstromende riviertjes en hebt altijd zicht op de imponerende bergtoppen.
Afhankelijk van de staat van de weg is het mogelijk per jeep het einde van de Vanj-vallei te bereiken. Hiervandaan kun je te voet verder, met een adembenemend zicht op de omringende pieken en gletsjers. Een van deze gletsjers is de Fedchenko-gletsjer, met 70 km de langste buiten de poolgebieden.

NB: enige tijd geleden is in de Vanj-vallei een brug weggespoeld. Dit maakt de hoger gelegen delen van de vallei onbereikbaar. Het is niet zeker wanneer de brug is hersteld.

Dag 6 Bartang-vallei
Vandaag is weer een reisdag. Je keert op je gemak terug naar de vallei van de Panj en rijdt verder naar het zuiden. Het volgende zijdal is de Bartang-vallei. Het is een nauw dal met steile wanden dat na iedere bocht verrast met weer een ander landschap. Tot ver in de 20e eeuw was deze vallei nauwelijks toegankelijk. Op sommige plaatsen moesten reizigers via ladders en in manden verticale rotswanden boven de snelstromende rivier passeren. Het oversteken van de rivier zelf gebeurde op opgeblazen geitenvellen.

Je overnacht in Rushan, een klein dorp in de Panj, bij de monding van de Bartang-rivier, of rijdt al een stukje de Bartang-vallei binnen, tot het dorpje Emts.

Vanj-vallei (Poi Mazar) – Bartang-vallei (Rushan village): 226 km, 6 uur

Dag 7 Bartang-vallei, Khorog
De volgende dag trek je te voet of per jeep verder de Bartang vallei in. De kleuren variëren van het grijs van de bergen, het groen van de velden en de bomen, tot het blauw van de rivieren en de bergmeren en het wit van de besneeuwde toppen. Onderweg ontmoet je de lokale bevolking, altijd oprecht blij vreemdelingen te begroeten. Je bent de hele dag midden in de prachtige natuur van de Pamir’s.

Aan het einde van de dag verlaat je de Bartang en rijdt weer langs de Panj verder naar het zuiden. Hier ligt het stadje Khorog, hoofdstad van de provincie GBAO (Gorno-Badakshan Autonome Oblast) en met 28.000 inwoners de grootste plaats van de regio. Door de strategische ligging op de grens met Afghanistan was Khorog in het Sovjettijdperk een belangrijke plaats. Maar tegenwoordig is dit gebied een van de minst ontwikkelde delen van het land, en draagt de Aga Khan Foundation het grootste deel bij aan de lokale economie.
In Khorog is een botanische tuin gehuisvest (de op een na hoogste van de wereld op 2.320 meter) en zeker voor plantenliefhebbers de moeite waard. Op zaterdag is hier een drukke markt waar ook veel Afghanen van de andere kant van de rivier op af komen. Je bent hier dus weer even terug in de bewoonde wereld, met winkeltjes, theehuizen en restaurants. En je slaapt weer in een echt hotel.

Bartang-vallei – Khorog: 90 km, 2-3 uur

Dag 8 Wakhan-vallei: Ishkashim
Je vervolgt je weg door het dal naar het zuiden. Een half uur buiten Khorog zie je aan de linkerkant hoog op de hellingen Koh-i-lal, een robijnmijn die door Marco Polo werd beschreven. Niet veel verder bereik je het marktstadje Iskhashim, waar net als bij Khorog een brug Tadzjikistan en Afghanistan verbindt.

Je bent nu in de Wakhan-vallei, een van de boeiendste stukken van de reis. In de lange, brede vallei liggen tal van dorpjes, ruïnes van forten, kleine heiligdommen en populaire warme baden. Naar het zuiden heb je prachtig zicht op de 7000 meter hoge toppen van de Hindu-kush die de grens tussen Afghanistan en Pakistan vormen. De vallei zelf ligt op circa 2400 meter hoogte.

Je hebt twee dagen voor de Wakhan-vallei. De eerste nacht slaap je in Ishkashim. Je hebt hier voldoende tijd voor de markt die altijd door veel Afghanen wordt bezocht.

Khorog – Ishkashim: 125 km, 3-4 uur

Dag 9 Wakhan-vallei: Langar
De volgende dag verken je de vallei. Je komt al snel bij de ruïnes van een groot fort, prachtig gelegen, met weids uitzicht over de Wakhan-vallei. Het oudste deel van het fort zou stammen uit de 2e eeuw voor Christus. Niet veel verder bereik je het dorp Yamchun. Boven het dorp liggen de restanten van een vuurtempel en, wellicht interessanter, de warme bronnen van Bibi Fatima. Gebruik de gelegenheid om je om te kleden en je onder te dompelen in het warme water tussen de locals.
In het dorp Yamg staat een sympathiek museumpje ter ere van de lokale wetenschapper Sufi Vakhoni, die rond 1900 leefde. Het is gevestigd in een mooi traditioneel huis en vertelt het nodige over de Pamir cultuur.
Een volgende stop is in het dorp Vrang, waar de ruïnes van een stupa herinneren aan de tijden dat boeddhistische reizigers door de Wakhan trokken.

Aan het einde van de vallei kom je bij de plek waar twee rivieren, de Pamir en de Wachan, samenkomen om als Panj verder gaan. De samenvloeiing wordt bewaakt door het imposante fort van Langar. Je overnacht in het gelijknamige dorpje.

Ishkashim – Langar: 150 km, 5 uur

Dag 10-11 Zor-Kul & Kara Jylga
Na de natuurpracht van de valleien van de Panj, Vanj, Bartang en Wakhan verandert het landschap vandaag. Het wordt er echter zeker niet minder mooi op. Je laat de Afghaanse grens en even later ook de rivier achter je en rijdt de bergen in. Langzaam klim je naar de 4300 meter hoge Kargush-pas. Het landschap wordt leger en desolater.
Via de pas bereik je de hoogvlakte van de Pamir’s die zich op 4000 meter hoogte uitstrekt. Hier kom je ook weer bij de echte Pamir Highway, die je bij Khorog hebt verlaten. Je volgt de asfaltweg naar het oosten. Regelmatig passeren hier konvooien Chinese vrachtwagens die bewijzen dat de Zijderoute nog springlevend is.
Je passeert twee dorpjes die niet al teveel voorstellen. Dan verlaat je de asfaltweg om over de hoogvlakte naar het zuiden te rijden. Je trekt nog verder de bergen in, naar een gebied dat de Kleine Pamir genoemd wordt en tegen de Afghaanse grens ligt. Het is een onherbergzaam gebied waar weinig meer groeit dan grassen en lage struiken. De lucht is helder en de vergezichten op de bergen en over de vlaktes imposant. Je zit hier boven de 4000 meter hoogte.

Midden in de leegte ligt hier Kara Jylga, een hooggelegen bergweide, waar in de zomer Kirgizische nomaden leven. Ze slapen in hun traditionele yurten (grote vilten tenten) en hoeden hun kuddes yaks. Je overnacht in zo’n yurt, en dat is een bijzondere ervaring. Hoewel ’s nachts de temperatuur regelmatig tot onder het vriespunt daalt, is het in de yurt altijd heerlijk warm. Er zijn matten, stapels dekens en een kachel die wordt gestookt op de mest van de yaks. De toiletvoorzieningen zijn echter eenvoudig: de wc is buiten en niet meer dan een gat in de grond met daaromheen een schutting. Water, koud en warm, is er alleen in emmers. Je slaapt midden in de lege natuur. Vergeet ’s nachts ook niet de yurt uit te stappen om van de sterrenhemel te genieten.

Langar – Kara Jylga: 228 km, 6-7 uur

NB: wanneer de Kirgizische nomaden nog niet met hun kuddes op de hoogvlaktes zijn gearriveerd, overnacht je in een homestay in Jarty Gumbez (240 km, 6-7 uur).

De volgende dag breng je door in de indrukwekkende natuur van de Kleine Pamirs. Je trekt er te voet en per jeep op uit. Doel is onder andere het meer met de prachtige naam Zor-Kul. Het ligt op de grens met Afghanistan aan de voet van de bergen en het water is door de ijle lucht en de vrijwel altijd onbewolkte hemel meestal prachtig azuurblauw.

Dag 12 Kok-Jigit, Sary Gorim & Murghab
De dag begint met een laatste tocht door de prachtige natuur in dit deel van Tadzjikistan. Je bezoekt Kok Jigit en, afhankelijk van de tijd, ook Sary Gorim.
Het lijkt alsof je hier aan het einde van de wereld bent. Maar weinig meer dan 100 jaar geleden was deze regio het doel van haastige expedities waarin Russische en Britse ontdekkingsreizigers elkaar probeerden af te troeven. Het was allemaal onderdeel van de “Great Game”, de koude oorlog waarin de twee wereldrijken met elkaar wedijverden over invloed en macht in Centraal-Azië.

Daarna keer je terug naar de Pamir Highway en rijdt naar Murghab, het regionale centrum van de hoogvlaktes van de Pamir’s. Met 11.000 inwoners en op 3650 meter hoogte stelt Murghab weinig voor. Toch voelt het na de vele dagen in de leegte van de Pamir’s als de bewoonde wereld. Je slaapt hier weer in een guesthouse.

Kara Jylga – Sary Gorim/Kok Jigit – Murghab: 190 km, 5-6 uur

Dag 13 Khorog
Je volgt de Pamir Highway over de hoogvlaktes terug naar het westen. Je laat de onverharde afslag naar de Wakhan-vallei links liggen. De ‘snelweg’ voert door bijzonder een maanlandschap van kale bergen en rotsige dalen.

Na een paar uur daal je weer af naar het dal van de Panj-rivier. Terug in Khorog zal je echt even moeten wennen aan de mensen, het groen en het lawaai. In de middag heb je tijd om uit te rusten van het verblijf op hoogte en om het stadje te verkennen.

Murghab – Khorog: 320 km, 5 uur 30 min

Dag 14 Kalaikhumb
Je volgt de Panj stroomafwaarts naar Kalaikhumb. Hoewel je aan het begin van de reis deze weg in tegengestelde richting hebt gereden verveelt het decor van woeste bergen, de snelstromende rivier, de groene akkertjes op de oevers en dorpjes met lemen huizen geen moment.

Khorog-Kalaikhumb: 245 km – 5–6 uur

Dag 15 Dushanbe
Niet ver buiten Kalaikhumb neem je afscheid van de Panj-rivier, die zo lang je metgezel is geweest. Na een lage pas bereik je de dalen en vlaktes waar Kulob en ook Dushanbe liggen.

Kalaikhumb – Dushanbe: 360 km, 7 uur

Dag 16 thuisreis
Je vliegt vanaf Dushanbe terug naar huis.

Top